Door op in Politiek.

 

images

 

Mijn brave robot

 

Minister Asscher heeft ons onlangs meegenomen in een gedachte-experiment tijdens een congres in Den Haag over de zogeheten robotisering van de samenleving. In de zeer nabije toekomst zal de samenleving volgens hem geregeerd worden door robots. Deze ontwikkeling gaat nu in een sneltreinvaart. Logisch volgens Assher, omdat een robot niet klaagt, nooit ziek is, de loonkosten drastisch verlaagt, en altijd oproepbaar is. Dit zou betekenen dat er op korte termijn geen werkgelegenheid meer is voor laagbetaalden, en alleen nog maar voor superslimme, creatieve en hoogopgeleide mensen, die flexibel, sociaal vaardig, en analytisch probleemoplossend kunnen denken.

Vrij zijn

Je kunt er moeilijk tegen zijn, omdat robots zich al onder ons begeven. Ze lijken niet op Rikkel Nikkel maar zien er onopvallend uit. Gewoon een apparaat. Sommigen, zoals die in de thuiszorg gebruikt worden, hebben het uiterlijk van de klassieke retro-robot. Het kamermeisjesschortje ontbreekt, maar ze doen alles voor je, op commando. Je bent dus niet afhankelijk van een mens en het vergroot je gevoel van onafhankelijkheid ook al ben je aangewezen op hulp. Zo kan iedereen op goedkope manier langer thuis blijven wonen. Wat Asscher vertelt, is een deel van het verhaal; Een robot kan namelijk stuk gaan, vreet energie, draagt geen sociale premies af, betaalt geen belasting en geeft geen gevoel af. Alles wat je ook al kon zeggen over een Ipad, smartphone of pc. Voor wie is er straks nog werk? Bijna voor niemand, je hoeft nooit meer te werken. De hele samenleving draait dan immers vanzelf; geen ambachtslieden meer, maar ook geen regering, geen parlement, geen geploeter, geen managers, geen chauffeurs, geen monteurs, geen controleurs en geen aandelenbeurs. Een druk op de knop en een nieuwe kraan wordt 3d geprint en door je robot erop gezet. Waar wij over moeten nadenken is juist; Hoe moet die kraan eruit gaan zien? Waar wil ik heen? Wat wil ik? Liggen daar dan nieuwe kansen?

Voor de klas

En ja hoor, daar heb je het al; Het onderwijs moet een antwoord geven, volgens de filosofie van Asscher. Er verandert nu zoveel, dat studenten opgeleid moeten worden om ter plekke iets nieuws te bedenken en zich steeds weer opnieuw te oriënteren. Hij noemt dit, en ik verzin dit niet hoor, opleiden tot ‘improvisatiekunstenaar’ Niet meer trainen op routine, maar op creatief analyseren en nieuwe wegen zoeken’. Bedoelt hij dan; zonder afspraken vooraf, spontaan iets nieuws doen (spelen)? Als hij vindt dat je hiervoor opgeleid kan worden, ben ik wel nieuwsgierig naar het resultaat hiervan. Laat ik zomaar eens een opleiding bij de kop nemen; De opleiding tot coach betaald voetbal. De nieuwe van Gaal is dan een improvisatiekunstenaar, maar zijn goed opgeleide spelers vanzelfsprekend ook. Evenals de commentatoren, de journalisten en de scheidsrechters die allemaal ter plekke het improviseren tot kunst verheffen. Ik ben bang dat er spontaan een oorlog uitbreekt waarin zo’n kunstenmaker zomaar creatief bedenkt de laatste grote bom te gooien.

Wat dacht Asscher ervan om iedereen op te leiden tot psychiater? Hij zal dat straks hard nodig hebben.

 

We’re charging our battery
And now we’re full of energy
We are the robots
We’re functioning automatik
And we are dancing mechanik
We are the robots

Ja tvoi sluga (=I’m your slave)
Ja tvoi Rabotnik robotnik (=I’m your worker)

 

(Robots, Kraftwerk 1978!)

Facebook Twitter Email

Comments are closed.